Vestigingsproblematiek in de paardenwereld

"Steeds meer wedstrijdaccommodaties in Vlaanderen moeten hun deuren sluiten." Op dit feit werd enige tijd geleden de aandacht gevestigd in enkele nieuwsberichten. Deze accommodaties moeten met hun wedstijdactiviteit stoppen omdat ze niet over de juiste vergunningen beschikken of omdat er klachten van buren komen in verband met geuroverlast, verkeersoverlast en dergelijke meer. Het grote probleem hierbij is dat deze wedstrijdstallen zich, volgens het gewestplan, niet in het juiste gebied bevinden. Jammer genoeg is dit niet enkel een problematiek voor de wedstrijdlocaties, ook bij de andere takken binnen de paardensport zien we dit probleem terugkomen. Paardenhouderij bevindt zich immers in een grijze zone die moeilijk in één gebied te plaatsen is.

Het gewestplan

Eind jaren ‘70 traden de meeste gewestplannen in werking. De plannen werden opgemaakt voor heel Vlaanderen en gaven aan elke locatie een kleur en een bijhorende bestemming. Deze bestemming bepaalt welke activiteiten er mogen plaatsvinden. 













Uittreksel van het gewestplan | Bron: geopunt.be


Het grootste deel van Vlaanderen werd ingekleurd als agrarisch gebied (lichtgeel), al dan niet landschappelijk waardevol. Dit gebied is bedoeld voor de professionele land- en tuinbouwsector, enkel zij kunnen hier bedrijfsgebouwen optrekken. Sommige activiteiten binnen de paardenhouderij, zoals bijvoorbeeld paardenfokkerij, paardenmelkerij, hengstenhouderij, opfok- en africhtingsstallen, paardenpensions,… kunnen worden beschouwd als een landbouwactiviteit. Echter zien we ook binnen deze takken tegenstrijdige beslissingen en is er geen duidelijke wetgeving die aangeeft wanneer een paardenhouderij als zone-eigen wordt beschouwd. 

Een tweede belangrijke bestemming op het gewestplan is het recreatiegebied (gele gebieden). Hierbij zijn twee verschillende soorten recreatiegebieden mogelijk namelijk dag- en verblijfsrecreatie. Het is in deze gebieden dat een recreatieve activiteit, zoals bijvoorbeeld een manege, moet plaatsvinden. Ook de betreffende wedstrijdaccommodaties horen hier thuis. Jammer genoeg zijn deze recreatiegebieden schaars ingekleurd op het gewestplan en is de kans dat je in dit gebied ligt zeer klein.

Grijze zone

Het probleem met de meeste paardenhouderijen is dat zij niet eenduidig in een bepaalde categorie thuis horen. Indien het gaat om een zuivere paardenfokkerij waarbij eigen veulens worden gefokt, eventueel opgeleid en verkocht, is het simpel: deze fokkerij hoort thuis in agrarisch gebied. Maar vele paardenhouders hebben een mix van activiteiten: er worden deels eigen veulens gefokt en opgeleid maar er is ook handel in paarden, pension, het doorrijden van paarden van derden, het geven van lessen, enz. Deze activiteiten vallen in een grijze zone waaromtrent onduidelijkheid bestaat. Toch is dit het gebied waar we de meeste paardenhouderijen terugvinden, simpelweg omdat er in deze gebieden ruimte voor is. Een paardenaccommodatie heeft al snel een grote oppervlakte nodig, wat niet past in woongebied of dergelijke. Daarnaast hebben paarden ook weilanden nodig om te kunnen grazen. Deze vinden we meestal terug in agrarisch gebied. Al deze paardenhouderijen hebben een vestigingsproblematiek en kijken tijdens vergunningsaanvragen tegen grote problemen aan.

De wetgeving geeft aan dat dergelijke paardenhouders moeten uitwijken naar leegstaande landbouwbedrijven en daar hun intrek moeten nemen. Daar de betreffende wetgeving bepaalt dat de gebouwen bouwfysisch in staat moeten zijn om de nieuwe functie te herbergen, moet dit gebeuren zonder grote verbouwingswerken, wat niet altijd voor de hand ligt. Daarnaast zijn uitbreidingen in deze zonevreemde context niet mogelijk. Het aanleggen van een piste, stapmolen of dergelijke is hier dus uit den boze.

Impact op de omgeving

Voor het organiseren van wedstrijden is niet enkel de locatie belangrijk maar ook het bezit van de correcte (milieu)vergunning. De meest professionele paardenhouders beschikken over een milieuvergunning voor het houden van paarden, de opslag van mest, een grondwaterwinning, enz. Indien je echter van plan bent om wedstrijdactiviteiten te organiseren, moet je ook beschikken over o.a. rubriek 32.4. voor het organiseren van wedstrijden. Activiteiten met een maximale duur van drie opeenvolgende dagen die tweemaal per jaar op hetzelfde perceel of dezelfde percelen georganiseerd worden zijn hierbij vrijgesteld. 

Bij het verlenen van de milieuvergunning voor dergelijke accommodaties wordt een belangrijke toetsing gemaakt of er al dan niet bijkomende hinder voor de omwonenden zal zijn, en of deze hinder aanvaardbaar is. Bij de grote wedstrijdstallen is het niet uitzonderlijk dat er klachten van de omwonenden komen, zeker wanneer het zich in een dichtbebouwd gebied bevindt. Wanneer er weinig draagvlak vanuit de omgeving te vinden is, is het verkrijgen van de juiste vergunningen, ongeacht of je project in de bestemming ligt, een moeilijke klus.

Is er een oplossing?

Momenteel is er maar één mogelijkheid om op eigen initiatief de bestemming van het gewestplan te wijzigen, namelijk door middel van een planologisch attest. Indien dit planologisch attest wordt goedgekeurd wordt er door de vergunning verlenende overheid een RUP (ruimtelijk uitvoeringsplan) opgemaakt op maat van het betreffende bedrijf. Dit is echter een lang en kostelijk traject waar ook de betrokken overheid moet voor open staan.

Vlaanderen en met uitbreiding België is zonder twijfel het epicentrum van de paardenwereld. Het is het voorbije jaar nog maar eens duidelijk geworden dat de Vlaamse (spring)paarden tot de absolute top van de wereld behoren. De paardensector is een economisch belangrijke én groeiende sector. De Belgische paarden zijn een belangrijk exportproduct en veel buitenlandse ruiters komen naar onze regio om hier hun intrek te nemen. Het wordt tijd dat de overheid dit belang inziet en duidelijkheid schept in de vestigingsproblematiek van deze sector.



DEEL DIT BERICHT:

Recente projecten

Nieuwsbrief agro Inschrijven
Nieuwsbrief voor paardenhouders Inschrijven